|
De heer
Sanders* woont in Bennekom*. Op een zekere dag staat hij voor een rood
verkeerslicht te wachten tot hij verder kan rijden. Plotseling voelt hij een
klap. Zijn bovenlichaam wordt heen en weer geslingerd en hij voelt een hevige
hoofd- en nekpijn. Wat gebeurt er?
Voor hij beseft wat er is gebeurd heeft een alerte automobilist de politie
gewaarschuwd. Gelukkig is het niet noodzakelijk dat de ambulance komt, het
lijkt alleen blikschade. De heer Sanders bekomt enigszins van de schrik en
vult met de politie de schadeformulieren in. Hij belt een familielid op en
wordt door hem naar huis gebracht. Thuis gekomen heeft Sanders nog steeds
last van hoofd- en nekpijn, maar hij denkt dat deze pijn snel weer over zal
gaan. Voor de zekerheid gaat hij de volgende dag toch even bij zijn huisarts
langs, die hem gerust stelt en hem een aantal dagen rust voorschrijft.
Schadeverzekeraar
Na enkele dagen ontvangt de heer Sanders bezoek van de schaderegelaar van
verzekeringsmaatschappij Z* te Amsterdam*. De schaderegelaar is voorkomend en
heeft begrip voor de situatie waarin het slachtoffer verkeert. Toegezegd
wordt dat de materiële schade aan de auto volledig vergoed zal worden.
Daarnaast biedt de schaderegelaar aan deze vervelende zaak in één keer te
regelen tegen uitbetaling van een bedrag van € 3.000. Aangezien de autoschade
ongeveer € 1.500 bedraagt, lijkt dit wel een mooi aanbod. Volgens de huisarts
zouden de klachten toch snel verdwijnen en de heer Sanders kan het extra geld
wel gebruiken voor een vakantie met zijn gezin. Op advies van zijn echtgenote
wordt er nog niet getekend en wordt het gesprek met de schaderegelaar
beëindigd.
|
Klachten
Na een week blijven de klachten aanhouden en heeft de heer Sanders gemerkt
dat hij na het ongeval ook last heeft gekregen van concentratiestoornissen,
vergeetachtigheid, tintelende vingers en hevige nekpijn als hij draaiende
bewegingen met zijn hoofd maakt. Ook is hij af en toe misselijk en gevoeliger
voor licht. De man probeert na een week toch weer te gaan werken. Hij werkt
voornamelijk met de computer en tot zijn grote schrik beginnen de letters op
zijn beeldscherm te draaien. Vragen van klanten en collega's dringen minder
snel tot hem door en het antwoord laat langer op zich wachten. Alles gaat
voor zijn gevoel erg snel. Te snel naar zijn beleving. Daarom besluit hij
zich ziek te melden, maar ontvangt hierdoor na enige tijd nog maar 70% van
zijn laatstverdiende loon. Niet alleen op het werk doen de problemen zich
voor. Ook het voetballen, wat hij twee maal per week deed, moet hij opgeven.
In contacten met familie en vrienden is hij teruggetrokken en stil. Hij is
namelijk bang dat hij domme opmerkingen maakt omdat hij de gesprekken niet
goed kan volgen. Het werken in de tuin moet hij aan anderen overlaten vanwege
de nekpijn.
Advocaat
De heer Sanders besluit om tenslotte een letselschade-advocaat om raad te
vragen. De advocaat vertelt de heer Sanders dat zijn loonschade al gauw kan
oplopen tot € 400,00 per maand. Ook kan hij niet meer meehelpen in de
huishouding, waardoor er een externe huishoudelijke hulp dient te worden
ingehuurd. Op advies van de advocaat wordt de heer Sanders door zijn huisarts
verwezen naar de neuroloog. De neuroloog constateert dat er
hoogstwaarschijnlijk sprake is van een postwhiplashsyndroom. In de daarop
volgende maanden voert de advocaat voor de heer Sanders onderhandelingen met
de verzekeringsmaatschappij van de wederpartij.
|
Schadeposten
Regelmatig worden er door de verzekeringsmaatschappij voorschotten aan de
heer Sanders uitbetaald. Na verloop van twee jaar is er sprake van een
medische eindsituatie en ontvangt hij een slotuitkering die samengesteld is
uit de volgende onderdelen:
|
Vergoeding voor huishoudelijke hulp
|
€ 6.000,00
|
|
Loonschade (verschil tussen
laatstgenoten salaris en uitkering)
|
€ 27.000,00
|
|
Immateriële schadevergoeding
(smartengeld)
|
€ 10.000,00
|
|
Diverse materiële kosten
|
€ 2.000,00
|
|
|
|
|
Totaal
|
€ 45.000,00
|
Bovendien
worden alle advocaatkosten vergoed door de verzekeringsmaatschappij van de
wederpartij. Hoewel deze schadevergoeding de pijn niet kan wegnemen, zijn de
heer Sanders en zijn vrouw toch blij dat zij een letselschadeadvocaat hebben
geraadpleegd.
Tot
slot
Bovenstaande zaak heeft werkelijk plaatsgevonden. De naam, de
verzekeringsmaatschappij en de woonplaats zijn echter gefingeerd.
|